Recente waarnemingen in het Zwin

Dit verslag is in overleg met het Zwin Natuur Park beschikbaar gesteld voor publicatie.

Vogels
Ooievaars waren schaars. In een van de plassen in de Kleyne Vlakte kwam op de meeste avonden een klein groepje slapen, tot 7 stuks. Zender-ooievaar Murshid kwam helaas om het leven in zijn overwinteringsgebied in Mali; de rest van de zendervogels
zat in Spanje en Frankrijk. Je kan de avonturen van alle zenderooievaars regelmatig in detail volgen via de Facebookpagina van het Zwin Natuur Park en via https://www.zwin.be/nl/operatie-ooievaar.

Het maximale aantal kleine zilverreigers bedroeg (maar) 5, maar dat is wellicht geen compleet beeld, bij gebrek aan een volledige telling. Er pleisterden nog 7 lepelaars gezien, allemaal jonge vogels.
Het aantal pleisterende ganzen ging nog verder de hoogte in. Dat had veel te maken met een pas geoogste bietenakker in de Hazegraspolder, waarop veel voedsel te vinden was. Daarnaast raakte de Zwinuitbreiding weer goed in zwang als nachtelijke
slaapplaats. Er werden tot 924 grauwe ganzen, 185 kolganzen en 1.011 brandganzen geteld die voedsel zochten in het gebied. Een telling op de slaapplaats leverde in totaal ca. 2.750 arriverende ganzen op (schattingen van 750 grauwe ganzen, 450 kolganzen en 1.550 brandganzen). Heel interessant was een groepje pleisterende rotganzen van max. 14 ex. in de Zwinuitbreiding.  In de uitbreiding werd een zeer hoog aantal van 387 voedselzoekende bergeenden genoteerd. Daarnaast mooie aantallen van 18 krakeenden, ca. 230 smienten, 362 wilde eenden, 11 pijlstaarten en 185 wintertalingen.
Geen volledige tellingen, maar vermeldenswaardige aantallen van verschillende soorten steltlopers: 47 kluten, ca. 350 kieviten (hoog aantal anno 2021!), 133 goudplevieren (zeer hoog aantal voor het Zwin), ca. 200 zilverplevieren (verdere toename), 80 bontbekplevieren, 11 rosse grutto’s, 25 (vermoedelijk IJslandse) grutto’s, 70 steenlopers, 13 kanoeten, ca. 470 bonte strandlopers (eindelijk een verdere toename), 1 kleine strandloper, 103 tureluurs en 4 zwarte ruiters.
Op verschillende dagen was er sterke doortrek van spreeuwen, vooral in de ochtend. Vooral op 10/11 was dit opvallend, met naar schatting minstens 6.850 ex. In totaal moet het voor de hele periode naar schatting om een paar tienduizend spreeuwen zijn gegaan. Er was ook veel doortrek van sijzen, in totaal vele honderden exemplaren, in groepen tot ca. 200 ex. Opvallend was dat de doortrek zich in noordoostelijke richting afspeelde. Dat wijst op een heroriëntatie van vogels die eerder al zuidwestelijk waren doorgetrokken. Dat verschijnsel is niet ongewoon bij soorten die afhankelijk zijn van onvoorspelbare
voedselvoorraden zoals zaden. Er waren nog late waarnemingen van groenpootruiter en visdief.
Op het ringstation in het Zwin Natuur Park werd op verschillende dagen geringd. In totaal werden 716 vogels geringd. Dat hoge aantal was te danken aan een sterke influx van pimpelmezen die (eindelijk) de kust bereikte nadat hij al enkele weken was
aangekondigd vanuit het binnenland. Er werden in totaal 458 pimpelmezen geringd, met als maximum 239 op 5/11. Er waren daarnaast noemenswaardige vangsten van waterral, roodborst (82), Cetti’s zanger (2), tjiftjaf (24), vuurgoudhaan (20) en rietgors . Er werd ook nog een heel late nachtegaal gevangen. Het meest bijzonder was de vangst van een dwerggors op 5/11! Een nieuwe soort voor het Zwin en ook op nationaal niveau een zeldzaamheid, met slechts een handvol gevallen per jaar.
De volgende schaarse en zeldzame soorten werden gemeld: topper, zwarte zee-eend, drieteenmeeuw, geelpootmeeuw, zeekoet, roodkeelduiker, parelduiker, jan-van-gent, blauwe kiekendief, steenuil, appelvink en goudvink. De bonte kraai die al eerder was gemeld in de voorbije periodes bleef in het gebied aanwezig en is mogelijk op weg om hier de winter door te brengen. Ook opvallend waren de eerste waarnemingen deze winter van 1-2 strandleeuweriken, een frater en tot 16 sneeuwgorzen.
Andere soortgroepen
Op enkele geheime plekjes in het Zwin werden tientallen overwinterende dagpauwogen gevonden. De allerlaatste libellen van het jaar (houtpantserjuffer en bruinrode heidelibel) werden opgetekend. Op het strand werden een aantal schelpen van de
zeldzame paardenmossel gevonden.

Bron: Wouter Faveyts – Wetenschappelijk medewerker Zwin Natuur Park

https://zwinstreek.waarnemingen.be/