Mediterranisering van Nederlandse flora

Bericht vanuit het Zwin Natuur Park.

Na een natter jaar nu in de lijn met de vorige jaren: 2018, 2019, 2020, dit jaar weer een droog, heel droog jaar. Het ziet er naar uit dat droog de regel wordt en voor de planten heeft dat uiteraard gevolgen. Niet alleen gaan zomersoorten veel vroeger bloeien, denk maar aan lamsoor, eenjarige soorten zoals duizendguldenkruiden komen zelfs niet eens tot ‘leven’. Zo was fraai duizendguldenkruid vorig jaar met vele honderden bloeiende plantjes in de Vlakte aanwezig, dit jaar was het zoeken om er eentje in de Vlakte te vinden. Het voorjaar was in 2022 nog niet al te droog en de meeste soorten haalden het nog, in tegenstelling tot een jaar met een voorjaarsdroogte toen zelfs bijenorchissen, die toch wel wat droogte aankunnen, op het duin verschrompelden. Gelukkig een soort met een knol die dan in nattere omstandigheden zoals 2021 talrijk bloeide. Meegenomen dat eenjarigen dikwijls een langlevende zaadbank hebben, maar niet allemaal denk aan de ratelaars, anders zou het vlug over en out zijn …

– Droogte, wat met opvallende groepen als dagvlinders en libellen? Het ziet er niet naar uit dat warme zomers een positief effect hebben op deze dieren. Van libellen zien we wel wat nieuwe soorten die opschuiven naar het noorden, maar ook soorten die koelere milieus prefereren die verdwijnen. Uitdrogende poelen en vennen zijn geen cadeau. De larven gaan dood, specifieke plantengroei komt zwaar onder druk, de vennen en ook minder voedselrijke plassen worden eutrofer (voedselrijker) door de snelle mineralisatie (vrijkomen van voedingsstoffen) bij uitdroging. Dus voor de meer specialisten onder de libellen allemaal slecht nieuws. Maar geen water, geen libellen natuurlijk.
Ook voor de dagvlinders is het bilan niet goed. Een aantal warmte-minnende soorten zoals koninginnenpage, grote weerschijnvlinder en keizersmantel doen het beter tot goed, maar voor de rest zien veel soorten hun waardplant wegkwijnen en verdrogen. Wellicht ook voor de grassoorten zoals de zandoogjes eerder rampzalig. Opvallend blijkt nu ook de achteruitgang van kleine vuurvlinder, waardplant vooral schapenzuring. Oorzaak nog niet duidelijk, maar na kleine vos, argusvlinder, hooibeestje, … weer een algemenere soort die het slecht doet. Bruin blauwtje doet het wellicht behoorlijk en in elke geval profiteren de waardplant van dit droge weer. Zachte ooievaarsbek en gewone reigersbek doen het goed als soorten die veel droogte verdragen en de vrijgekomen grond innemen. Zeldzame vlindersoorten die wat terugwonnen, bijvoorbeeld kleine ijsvogelvlinder, is meestal het resultaat van natuurherstel in natuurgebieden. De waarnemingen gaan het uitwijzen, maar voor veel dagvlinders lijkt 2022 flauw tot heel flauw. Afwachten wat voor effect dit zal hebben op 2023.

https://www.naturetoday.com/intl/nl/nature-reports/message/?utm_source=newsletter&utm_medium=e-mail&utm_campaign=user-mailing&msg=29616

Groet Huub namens Leo

Dit bericht is geplaatst in Algemeen, Planten. Bookmark de permalink.